|
FLOW
|
|||
| Wie
herinnert zich niet de gouden race van Marianne Timmer op de 1500 meter
bij de laatste Olympische Winterspelen in Nagano? Zonder enig besef van
rondetijden, omgeving of eigen vermoeidheid reed zij in een roes naar een
fantastisch wereldrecord. Hoe kon dat zomaar? Geïnteresseerd in het hoe en waarom van de 'roes' en het eventuele verband met topprestaties ging ik op zoek naar een verklaring. Die zoektocht bracht me met allerlei omwegen binnen en buiten de sport op het begrip Flow. Tot op heden voor mij de beste beschrijving van de optimale ervaring en nauw verbonden met optimaal presteren. Op mijn website wil ik zoveel mogelijk informatie over flow en aanverwante gebieden bij elkaar brengen. Ik hoop daarmee anderen te interesseren, te inspireren en uit te dagen om eveneens hun bijdrage te leveren. |
|||
| Flow-ervaring | Andere
flowervaringen lees verder..... |
||
| Een flow-moment ervaar je wanneer je zo in iets opgaat dat niets er meer toe doet behalve de bezigheid zelf, en je uiteindelijk een prestatie neerzet, waarmee je jezelf overtreft. Het is een werkelijk hoogtepunt, een ervaring die je leven verrijkt en betekenis geeft: daar doe je het allemaal voor. | |||
| Waar komt de term flow vandaan? | |||
![]() |
|||
| De Amerikaans-Hongaarse psycholoog Mihaly Csikszentmihalyi, werkzaam aan de Universiteit van Chicago, introduceerde de term flow ruim twintig jaar geleden aan het begin van zijn wetenschappelijke project rondom de vraag waaraan mensen de meeste levensvoldoening ontlenen. Hij interviewde duizenden mensen diepgaand om erachter te komen wat zij als de beste momenten van hun leven ervaren en waarom. Hij ontdekte al snel dat dit nou juist niet vermaak en plezier was, maar de momenten waarop mensen geconcentreerd bezig zijn met iets wat ze zo leuk vinden, dat op dat moment niets anders telt dan juist die bezigheid. Czikszentmihalyi noemde het flow omdat het een gemeenschappelijk element was in de beschrijvingen van de topmomenten. | |||
| Wanneer hebben we kans op flow? | |||
| Flow kan zich voordoen wanneer je bezig bent met je favoriete bezigheid, maar zelden tijdens normale dagelijkse bezigheden of vrijetijdsbestedingen als televisie kijken of uitgaan. Want plezier in je bezigheid is niet voldoende, de activiteit moet ook nog eens een uitdaging zijn. Juist bij bezigheden die net iets meer vragen dan de vaardigheden die je in huis hebt, waarvoor je je dus echt moet inzetten om ze tot een goed einde te brengen bieden kans op flow-momenten. | |||
| De winst van flow | |||
| Flow-momenten zijn niet alleen heel aangenaam en zinvol, ze zorgen er ook voor dat je groeit in zelfvertrouwen en eigen waarde en daarmee een basis legt voor verder succes. Je hebt immers iets gedaan op de toppen van je kunnen en dat motiveert. Op den duur maken flow-ervaringen het je steeds makkelijker jezelf te motiveren. Je gaat nieuwe uitdagingen zoeken, nieuwe grenzen verleggen om nog beter te worden in dat wat je graag doet. Niet vanwege eventueel latere beloningen, maar puur voor de voldoening die de bezigheid geeft. In die opwaartse spiraal komen je eigen capaciteiten maximaal tot ontwikkeling en wordt je een complexer en interessanter mens.. | |||
| Voorwaarden voor flow | |||
| Hoewel hij aangeeft dat flow niet op bestelling verschijnt, ziet hij vanuit zijn onderzoek dat in situaties waarin flow optreedt een aantal componenten steeds aanwezig moet zijn. Die acht, door hem ‘fundamenten van flow’ genoemde, componenten geven meteen enige richting bij de vraag hoe je het ontstaan van flow zou kunnen bevorderen. De volgende dingen zijn van belang: | |||
| 1. De uitdagingen waarvoor je gesteld wordt, zijn in balans met je vaardigheden (de uitdaging is niet onhaalbaar voor je vaardigheden, maar vergt wel dat je alles inzet wat je hebt); | |||
| 2.
Het samenkomen van actie en bewustzijn (wanneer je alles uit de kast moet
halen word je aandacht volledig in beslag genomen. Er is geen aandacht voor
andere zaken meer mogelijk. Alle aandacht gaat naar de relevante prikkels); |
|||
| 3. Er zijn duidelijke doelen en directe feedback over de voortgang (je weet op elk moment, meer intuïtief dan bewust, hoe je ervoor staat); | |||
| 4. Er is volledige concentratie op wat je op dat moment doet (je dwaalt niet af naar het heden of verleden, je bent in het hier en nu); | |||
| 5. Er is een voortdurend gevoel dat de situatie onder controle is en geen angst de controle te verliezen; | |||
| 6. Je bent je niet meer bewust van jezelf, het zelfbewustzijn verdwijnt, je verliest jezelf en hebt het gevoel deel uit te maken van een groter geheel; | |||
| 7. De ervaring van tijd is vervormd in flow: de tijd kan zowel sneller verlopen als langzamer. (maar dan vooral langzamer in de zin van ‘tijd genoeg om alle complexe handelingen uit te voeren’) | |||
| 8. Er is sprake van een autotelische ervaring: de activiteit wordt niet verricht met het oog op toekomstige beloningen, maar simpelweg omdat ze als activiteit bevrediging schenkt. De aandacht is ook gericht op de activiteit en niet op het doel. | |||
| Veel informatie is ook te vinden in het recent in de Verenigde Staten verschenen boek ‘Flow in Sports’ van de Australische onderzoekster Susan A. Jackson en Czikszentmihaly waarin de acht bovenstaande componenten voor sporters worden vertaald in een aanpak om meer flow te kunnen bereiken. | |||
![]() |
In zijn boek 'Op weg naar het licht' beschrijft schaatser Marnix ten Kortenaar zijn bijzondere ervaringen tijdens trainingen en wedstrijden. De overeenkomsten met flow zijn wat mij betreft opvallend. | ||